Deel 7: Het laatste gevecht

Engelse titel: The last battle

Het ziet er somber uit voor Narnia. Aslan is al heel lang weg.
Als de Aap Draaier een gemeen plan verzint, gaat het nog slechter.
De Calormeners, vijanden van Narnia, vallen het land binnen.
Zal Tirian zijn land nog kunnen redden, of is dit echt het einde van Narnia?

Klik op een van de personen voor meer informatie, of ga naar de personen-index.
Er is een korte samenvatting en een langer verhaal. Bij de lange inhoud zijn de hoofdstukken aangegeven
Als je met de muis op een plaatje staat, zie je na een paar tellen wat het voorstelt.
table

Een korte samenvatting

In de laatste dagen van Narnia in het Lantarenwoud wonen Draaier, de aap en Puzzel, de ezel.
Ze vinden een leeuwenhuid. De aap maakt daar een pak van voor Puzzel zodat hij een beetje op Aslan, de grote Leeuw, lijkt.
Koning Tirian hoort erover dat Aslan weer in Narnia is. Een Centaur voorspelt dat er iets vreselijks gaat gebeuren in Narnia, er worden dryaden, heilige, sprekende bomen omgehakt. Hij gaat eropaf samen met zijn vriend Juweel de eenhoorn. De sprekende paarden zijn ook slaven van 'Aslan' en van de Calormeners, uit de landen ten zuiden van Narnia. Juweel en Tirian vermoorden daarom twee Calormeners en worden gevangengenomen.
Ze komen voor Draaier, die net doet alsof hij spreker voor Aslan is en wordt geëerd. Hij zegt dat de Narniërs worden onderdrukt en Tash, de god van Calormen dezelfde is als Aslan. Juweel en Tirian worden vastgebonden. De nep-Aslan komt die nacht ook nog even uit de Stal waar hij in zit.
Dan komen de kinderen (Jill en Eustaas) uit de andere wereld en maken Tirians touwen los. Ze vluchten naar een schuiltoren. Ze vermommen zich alledrie en bevrijdden Juweel.
Jill bevrijdt Puzzel ook, ook al mocht dat niet van Tirian. Ze laten hem zien aan de dwergen maar er is er maar één, genaamd Ponkin, die zich bij hen aansluit.
Terug bij de toren komt Tash, een soort lelijke vogel voorbij vliegen. Dan sluit Scherpzicht, de arend zich bij hen aan en vertelt nieuws over dode Narniërs. Ze gaan weer naar de Stal en zien dat er een aantal mensen en dieren de stal in worden geleid. Een kat komt er gillend uit en kan niet meer spreken en er komt een dode Calormener uit, een andere dan er in ging.
Dan vechten ze hun laatste gevecht waarna ze allemaal in de stal terechtkomen. Binnen de Stal is een mooi land met lekkere vruchten waar ook de zeven koningen en koninginnen van Narnia zijn. Aslan komt bij hen en de dwergen kunnen niet meer gered worden omdat ze 'voor de dwergen' zijn.
Aslan roept alle dieren van Narnia bij zich en ook de sterren, de maan en de zon. Er komt overal water. Nu komen ze in het echte Narnia en gaan naar de berg van Aslan. Daar komen ze veel doodgewaande dieren tegen. Voor hen begint dan het echte grote eerste Hoofdstuk wat nog niemand gelezen heeft.

Wat gebeurt er in het boek?

H1 Ver in het westen van Narnia wonen een aap en een ezel. De aap heeft Draaier en de ezel Puzzel. Ze zeggen dat ze vrienden zijn, maar eigenlijk is Puzzel een slaafje van Draaier.
Op een dag zien ze bij de waterval een leeuwenhuid drijven. Puzzel moet hem uit het water halen. Draaier vernaait er wat aan, zodat de huid om Puzzel past. Draaier zegt dat ze net zullen doen of Puzzel Aslan is, en dan zal iedereen naar hen luisteren.
H2 Koning Tirian is bij zijn jachthut aan de oostelijke kant van het lantaarnwoud. Hij heeft geruchten gehoord dat Aslan weer in Narnia zou zijn. Maar de Centaur Runewijs zegt dat het niet waar kan zijn, de sterren voorspellen juist slechte dingen.
Dan komt er een dryade aanrennen, ze zijn de Sprekende Bomen aan het omhakken. Tirian en zijn Eenhoorn gaan er snel heen. Ze horen dat Aslan heeft gezegd dat die bomen omgehakt moesten worden. Als ze bij de plek komen, doden ze twee Calormeners die aan het hakken zijn.
H3 Tirian en Juweel krijgen er toch spijt van, en geven zich over. Ze worden naar de Aap gebracht. Die zit voor een hutje op een heuvel. Hij zegt dat Aslan in het hutje, de Stal, zit. Iedereen zal hard moeten werken, want Aslan is heel streng. De dieren moeten naar Calormen, om te werken voor de Koning van Calormen, de Tisrok.
De Aap doet net of het allemaal heel logisch is, maar sommige dieren hebben nog wel wat vraagtekens. Een lam vraagt waarom Aslan zich met de Calormeners bemoeit. Hun god heet Tash, een vreselijk wezen. De Aap zegt dat Aslan hetzelfde is als Tash.
Daar wordt Tirian heel kwaad om. Maar hij krijgt geen kans om het uit te leggen, de Calormeners sleuren hem weg en binden hem aan een boom vast.
H4 's Nachts komen kleine dieren Tirian eten brengen. Tirian ziet ook dat de zogenaamde Aslan uit de Stal komt. Hij loopt heel stijf en ziet er helemaal niet echt uit. Nu weet Tirian zeker dat het allemaal bedrog is. Hij denkt aan de geschiedenis, vroeger kwamen er weleens kinderen uit een andere wereld om de Narniërs te helpen.
Dan ziet hij in een soort droom zeven mensen, zij zien hem ook. Het zijn de professor(Digory), zijn vrouw(Polly), Peter, Edmund, Lucy, Jill en Eustaas. Dat weet Tirian natuurlijk niet. Zij zien hem ook, maar hij kan niks zeggen. Dan vervaagt het weer.
H5 Opeens staan er twee kinderen bij hem. Het zijn Jill en Eustaas. Ze maken Tirian los en dan lopen ze snel weg. Ze gaan naar een wachttoren, waar Tirian de sleutel van heeft.
Eustaas vertelt dat Peter en Edmund de ringen op gingen graven om in Narnia te komen. De rest ging met de trein naar Londen om ze op te halen. Maar toen de trein net bij het station aankwam, voelden ze een schok en waren Eustaas en Jill in Narnia.
Dan zijn ze bij de toren. Ze verkleden zich als Calormeners, en maken een vuur. Er is wel eten, maar het is niet lekker.
H6 Ze slapen tot negen uur 's avonds. Dan gaan ze op weg naar de stal. Er is maar één Calormeense bewaker. Tirian heeft hem snel onder controle en bevrijdt Juweel. Maar dan is Jill verdwenen. Even later komt ze aan met Puzzel. Tirian wil de ezel doden, maar dat mag niet van Jill.
H7 Er komen dwergen aan. Ze worden door Calormeense soldaten meegevoerd om voor de Tisrok te gaan werken. Tirian en Eustaas bevrijden de dwergen en laten de nep-Aslan zien.
Maar de dwergen willen niet meevechten tegen de Aap. Ze geloven nu helemaal niks meer. De dwergen lopen weer terug, maar één dwerg, Ponkin, gaat met Tirian mee. Ze zijn allemaal heel moe, de nacht is al bijna voorbij.
Om elf uur 's ochtends maken ze een heerlijk ontbijt. Dan vertelt Ponkin alles wat hij weet. De Aap is niet zo slim en is nu ook aan de drank. Degenen die het eigenlijk regelen, zijn Chili de kater en Rishda de Calormeense aanvoerder. Zijn geloven allebei niet in Aslan of Tash, ze willen alleen maar dat Narnia een Calormeense provincie wordt.
H8 Dan komt Tash opeens langs. Het is een eng wezen, een soort vogel. Hij is op weg naar de Heuvel met de Stal. Tirian en de rest besluiten om Runewijs tegemoet te gaan. Die ging naar Cair Paravel, een leger halen. Daarna zullen ze met z'n allen de Aap en de Calormeners aanvallen.
Maar onderweg komen ze Scherpzicht de Arend tegen. Die vertelt dat Cair Paravel is ingenomen door de Calormeners en dat Runewijs ook dood is.
H9 Ze hebben dus geen keus meer. Er blijft niets anders over dan naar de Heuvel de gaan en de Calormeners daar te proberen te verslaan. Waarschijnlijk zullen ze dan toch sterven in de strijd tegen de soldaten die nu in het oosten zijn.
Tegen zonsondergang zijn ze achter de Stal. Als het nacht is, komen alle Narniërs weer naar de Heuvel, er wordt een vuur gemaakt. Dan komt de Aap eraan. Hij zegt dat iemand het heeft gewaagd om een nep-Aslan te maken. Als de dieren hem zien, moeten ze die niet geloven.
Tirian en de anderen schrikken erg. Nu zullen ze niks meer bereiken als ze Puzzel laten zien. De Aap heeft het nu ook over 'Tashlan' in plaats van 'Aslan'.
H10 Jill haalt snel de leeuwenhuid van Puzzel af.
De dwergen geloven de Aap niet en willen zien wat er in de stal zit. De Aap zegt dat er één iemand tegelijk naar binnen mag. Chili de kat gaat erin en komt krijsend terugrennen, hij kan niet meer praten. Dan gaat er een jonge Calormeen in. Hij gelooft in Tash en wil hem zien. Er komt een dode Calormeen uit de Stal vallen. De Aap wil een everzwijn erin laten gooien, maar dan komen Tirian en de andere zes in actie.
H11 Tirian goot de Aap de Stal in. Ze zien een groenachtig-blauw licht en horen een soort gekrijs. De Sprekende Honden, de Muizen, het Everzwijn en de Beer komen aan de kant van de Koning.
De muizen gaan de Sprekende Paarden bevrijden. De eerste aanval van de Calormeners wordt afgeslagen.
H12 De Calormeners roepen hulp op via de trom, daardoor zal Tirian snel moeten aanvallen. Jill en Scherpzicht beginnen met het afleiden van de soldaten. Dan stort de rest zich op de vijand.
Maar het werkt niet, er komen steeds meer Calormeners. Ze trekken zich terug bij een rots. Eustaas is al gevangen genomen en wordt de Stal ingegooid. De dwergen gaan nu op de Calormeners schieten en komen ook in de Stal.
Tirian vecht met Rishda, hij wordt steeds dichterbij de staldeur gedreven. Dan sleurt hij Rishda ook mee de Stal in. Daar is Tash, die neemt Rishda mee.
Maar dan verdwijnen ze en ziet Tirian de zeven vrienden van Narnia staan, ook Jill en Eustaas. Iedereen heeft mooie kleren aan.
H13 Ze staan in het gras, buiten. Er is een groepje bomen.De vruchten ervan zijn heel lekker. Een eindje verderop staat een deur, daar is Tirian net door gekomen. Maar de deur komt nergens uit, tenminste als je eromheen loopt. Als Tirian door een spleet kijkt, ziet hij de Heuvel met Calormensers.
Dan vertelt Peter dat zij ook in de trein zaten en opeens een vreselijk lawaai hoorden. Toen waren ze plotseling in het land waar ze nu staan. Ze zagen Chili door de deur komen, en Tash verschijnen. En ze zagen de dappere Calormeen, die nog steeds ergens loopt. De aap zagen ze opgeslokt worden door Tash. En de dwergen kwamen ook door de deur. Daar gaan ze nu naartoe.
De dwergen denken dat ze in de Stal zitten, ze willen gewoon niet geloven dat ze buiten zijn.
Dan komt Aslan. Ook hij kan de dwergen niet helpen. Maar nu heeft hij ander werk te doen.
Hij brult en de deur vliegt open.
H14 Heel Narnia is donker. Dan gaat er een reus staan, en blaast op een hoorn. Alle sterren vallen naar beneden en gaan schuin achter Aslan staan.
Vanuit de moerassen in het Noorden komen er draken enzo aankruipen. Alle wezens vluchten naar de Deuropening. Ze moeten Aslan aankijken. Sommigen gaan dan naar de linkerkant en verdwijnen. De anderen mogen door de Deur. Juweel, Runewijs en nog veel meer dieren zijn er ook.
De draken vreten heel Narnia kaal en gaan zelf ook dood. Dan komt vanuit het oosten de zee aanstormen en stroomt alles onder.
De zon en de maan verdwijnen ook, en dan gaat het vriezen. Peter doet de deur op slot. Aslan rent naar het westen en roept: "Kom dieper naar binnen! Kom hoger naar boven!"
Ze lopen allemaal achter hem aan. Lucy moet huilen, omdat er nu een einde is gekomen aan Narnia. De dappere Calormener, die Emeth heet, zit bij een boom.
H15 Emeth vertelt hoe hij daar terecht is gekomen. Hij diende Tash altijd, en vond het niet goed dat de Calormeners 'Tashlan' gingen eren. Toen Chili krijsend uit de Stal kwam rennen, wist Emeth dat Tash daarin was. Daarom ging hij er ook in, en werd bijna vermoord door een andere Calormener. Hij doodde hem en gooide hem naar buiten. Toen liep Emeth verder en ontmoette Aslan. Die zei dat hij ook welkom was.
Als Emeth klaar is met zijn verhaal, komt Puzzel eraan. Hij is nu heel mooi. Dan komen ze erachter dat ze nu in een ander Narnia zijn. Het is een dieper land: alles ziet eruit alsof het meer betekenis heeft. Juweel zegt: "Dat we zoveel van het oude Narnia hielden kwam doordat het soms een beetje hierop leek." En dat is precies wat iedereen denkt.
Ze gaan heel hard rennen, maar ze worden niet moe.
H16 Ze komen bij een tuin, en daar zijn alle oude Narnia-vrienden, zoals Rippertjiep, Wiek, Puddelglum, Tumnus...
Lucy komt erachter dat de tuin ook weer Narnia is, nóg echter en nóg mooier dan het vorige. Ze kunnen ook naar Engeland kijken, en daar zijn hun ouders.
Het laatste stukje neem ik letterlijk over:
Toen keek Aslan hen aan en zei: "Jullie zien er nog niet zo gelukkig uit als ik wil dat jullie zijn." Lucy zei: "We zijn zo bang dat we weggestuurd zullen worden, Aslan. En je hebt ons al zo vaak naar onze eigen wereld teruggestuurd."
"Daar hoe je nu niet bang voor te wezen", zei Aslan. "Heb je het dan nog niet geraden?"
Hun hart sprong op en een wilde hoop kwam in hen boven.
"Het was echt een spoorwegongeluk", zei Aslan zacht. "Jullie vader en moeder en jullie allemaal zijn - zoals jullie het in de Schaduwlanden noemden - dood. Het schooljaar is om, de grote vakantie is begonnen. De droom is afgelopen: het is ochtend."
En terwijl Hij sprak zag Hij er in hun ogen niet langer uit als een leeuw. De dingen die daarna begonnen te gebeuren waren zo indrukwekkend en prachtig dat ik ze niet op kan schrijven. Voor ons is dit het einde van de kronieken van Narnia. Maar voor hen was het nog maar het begin van het echte verhaal. Hun hele leven in deze wereld en al hun avonturen in Narnia waren niet meer dan de omslag en de titelpagina geweest. Nu begonnen ze eindelijk aan Hoofdstuk Een van het Grote Verhaal dat niemand op aarde nog gelezen heeft, dat voor eeuwig door blijft gaan en waarvan ieder hoofdstuk nog mooier is dan het vorige.


EINDE van de Kronieken van Narnia

Wat bedoelde Lewis met dit laatste hoofdstuk?
Narnia bestaat niet echt, dat zul je moeten toegeven. Maar er is een wereld die nog veel heerlijker is dan het nieuwe Narnia. Daar woont God, die de wereld gemaakt heeft.
Omdat zijn zoon Jezus naar de aarde is gekomen, mogen alle mensen daar ook heen. Het staat in de Bijbel: Wie in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven.

Achter de verhalen van Narnia zit de wereld van God. In deel 2 sterft Aslan, zodat Edmund kan blijven leven. Dat heeft de Heere Jezus ook gedaan. Hij is aan het kruis gestorven, als straf voor onze zonden. Eigenlijk zouden wij allemaal zo'n straf moeten krijgen. Maar nu mogen we bij God komen, zonder iets van onszelf.

Als je het jammer vindt dat Aslan niet echt bestaat, moet je maar bedenken dat de Heere Jezus wel bestaat. Hij wordt in de Bijbel de Leeuw van Juda genoemd, zo sterk is Hij. Lewis was ook een christen, en vertelt in deze boeken eigenlijk over Jezus. Op deze site kun je daar meer over lezen: www.greatcom.org/dutchsurinam. Als je Jezus nog niet kent, moet je dat echt doen, het is geweldig om Hem te kennen!